Bij het gijzelingsdrama in Beslan

Bij het gijzelingsdrama in Beslan

Woorden, uitgesproken door de rector, bij de Beslan-herdenking op onze school.

 

Voor de vierde keer in korte tijd is ons gevraagd 1 minuut stilte te houden voor slachtoffers van terrorisme.

Na de aanslag op de Twin Towers in New York op 11 september 2001. Er vielen toen onvoorstelbaar veel slachtoffers.

Na de moord op een docent van het Terra College in Den Haag. We konden ons toen niet voorstellen dat een leerling dat ooit zou kunnen doen.

Na de aanslag op de treinen in Madrid. Het terrorisme kwam toen wel heel dichtbij.

En nu na de vreselijke afloop van de gijzeling op een school in Beslan.

 

Toch zal ik jullie nu niet om 1 minuut stilte vragen.

Nu niet, omdat ik me niet kan voorstellen dat er geen mensen in onze school zijn die de televisiebeelden met afgrijzen hebben gadegeslagen en in hun gedachten al hebben stilgestaan bij al die slachtoffers.

Nu niet, omdat een te snelle opeenvolging van stiltemomenten kan leiden tot verzwakking van de zeggingskracht. Het wordt een loos en uitgesleten gebaar.

Nu niet, omdat we ons ook de vraag kunnen stellen waarom we ook niet 1 minuut stilte houden voor de slachtoffers van de aanslagen op Bali, in Jakarta, Istanboel, Marokko, Pakistan, Saudi Arabië, de slachtoffers onder Joden en Palestijnen, de slachtoffers die dagelijks in Irak vallen of de doden in Tsjetsjenië.

Deze rij kan eindeloos worden uitgebreid met andere voorbeelden van zinloze slachtoffers.

Eigenlijk kan ik jullie elke dag om 1 minuut stilte vragen. Misschien wel om zo veel minuten stilte dat het uiteindelijk alleen nog maar eindeloos stil is.

En in die stilte horen we de ontploffingen van de aanslagen die mensen, verblind door haat en fanatisme, plegen, omdat zij koste wat kost gelijk willen hebben.

Maar we horen ook de explosies van de oorlogen die wereldleiders voeren om hun eigenbelang te verdedigen. En we horen ook het tumult dat opstijgt uit onze stadions en straten omdat we elkaar niet meer verdragen.

 

Horen we in deze stilte ook nog wat anders?

Gelukkig wel.

Door de eeuwen heen hebben mensen ook andere geluiden laten horen.

Geluiden van vrede, naastenliefde, verdraagzaamheid, wederzijds begrip, bescheidenheid, zorg voor anderen of vrijheid.

Door de eeuwen heen hebben mensen daden gesteld:

Zonder Mandela geen afschaffing van de apartheid.

Zonder moeder Theresa geen hulp aan armen en verschoppelingen.

Zonder Gandhi geen geweldloos verzet tegen onderdrukking.

Zonder Martin Luther King geen gelijkheid van zwart en blank.

Zonder Jitzak Rabin geen hoop op vrede.

 

Je kan dus dingen ten goede keren.

Daaruit kunnen we hoop en bemoediging putten.

We moeten dan wel in beweging komen en ons verzetten tegen de loop der dingen, ons niet neerleggen bij de afschuwelijke oplossing die geweld heet, of onderdrukking, of machtsmisbruik, of bij spreekkoren, of pesten….. of vul zelf maar in.

 

Ons verzetten begint in het klein. Bij jullie thuis, op straat, in de sportclub, op onze school.

Ons verzetten gebeurt geweldloos en begint met een vraag:

wat is mijn rol in deze wereld?

Deze vraag wordt gevolgd door een vraag aan een ander:

wat is jouw rol in deze wereld ?

 

Ik roep jullie op die vraag te stellen en te beantwoorden met kleine daden en geluiden van vrede, naastenliefde en verdraagzaamheid, wederzijds begrip en zorg voor anderen.

Ik spreek de wens uit dat die geluiden zo aanzwellen dat ze het rumoer van oorlog, geweld en onverdraagzaamheid overstemmen.

Ik weet dat het kan, dat het kleinste begin grote gevolgen kan hebben.

Onze kleine daden zullen de loop der dingen niet direct beïnvloeden, het terrorisme niet direct een halt toeroepen. Maar als we geduld hebben en als genoeg mensen meedoen, dan zal ons verzet uiteindelijk effect hebben.

Het is natuurlijk zaak dat we meteen beginnen. In het klein, thuis, op straat, op school, onze school.

Wat ik bedoel heeft Remco Campert met andere woorden in een prachtig gedicht gezegd.

Dat gedicht wil ik graag ter afsluiting voorlezen.

 

Iemand stelt de vraag 2

 

Verzet begint niet met grote woorden

maar met kleine daden

 

zoals storm met zacht geritsel in de tuin

of de kat die de kolder in z’n kop krijgt

 

zoals brede rivieren

met een kleine bron

verscholen in het woud

 

zoals een vuurzee

met dezelfde lucifer

die de sigaret aansteekt

 

zoals liefde met een blik

een aanraking iets dat je opvalt in een stem

 

jezelf een vraag stellen

daarmee begint verzet

 

en dan die vraag aan een ander stellen

 

Remco Campert